TL;DR: Spat is artrose van de kleine gewrichtjes in het spronggewricht van het achterbeen van het paard. Je paard beweegt stijf na rust en wordt soepeler naarmate hij opwarmt. Spat is niet te genezen, maar met de juiste aanpak kun je de pijn beheersen en je paard nog lang gelukkig en in beweging houden. Hoe eerder je de eerste signalen herkent, hoe meer behandelopties je hebt.
Je paard loopt de eerste stappen uit de stal stijf, maar na een kwartier warmlopen lijkt er niks aan de hand. Of je merkt dat hij op de volte steeds korter achter wordt, terwijl hij rechtdoor prima loopt. Misschien weigert hij sprongen die hij vroeger probleemloos nam. Dit zijn klassieke signalen van spat bij paarden, en ik zie ze als paardendierenarts regelmatig voorbij komen in de praktijk.
Spat is een van de meest voorkomende oorzaken van kreupelheid bij het paard. Toch weten veel eigenaren niet precies wat het is, hoe je het herkent en wat je er mee kunt. In deze blog leg ik je alles uit: van anatomie tot behandeling, en van risicofactoren tot wat jij zelf kunt doen om je paard zo lang mogelijk soepel te houden.
Wat is spat bij paarden precies?
Spat is osteoartrose (gewrichtsslijtage) van de twee kleine gewrichtjes onderin het spronggewricht van het achterbeen: het distale intertarsaalgewricht (DIT) en het tarsometatarsaalgewricht (TMT). Door slijtage van het kraakbeen in deze gewrichtjes ontstaat ontsteking, pijn en uiteindelijk botwoekering.
Het spronggewricht bestaat uit vier gewrichten boven elkaar. Het bovenste gewricht, het talocruraal gewricht, verzorgt het grootste deel van de beweeglijkheid van de sprong. De twee onderste gewrichtjes bewegen nauwelijks: ze werken als schokdempers. Juist omdat ze weinig bewegen, worden ze bij slijtage extra pijnlijk. Ze zijn ontworpen om krachten op te vangen, niet om soepel te glijden, en zodra het kraakbeen verdwijnt ontstaat bot-op-bot-contact, wat enorm pijnlijk is.
Er bestaan verschillende vormen van spat. Een vorm waarbij de veranderingen zichtbaar op een röntgenfoto. En een vorm waarbij er geen röntgenologische afwijkingen zichtbaar zijn, maar is er wel pijn en kreupelheid. Dit onderscheid is belangrijk: niet elke kreupelheid door spat is zichtbaar op röntgen.
Welke paarden lopen het meest risico op spat?
Spat kan bij elk paard ontstaan, maar sommige paarden zijn gevoeliger dan anderen. De belangrijkste risicofactoren zijn:
- Erfelijke aanleg en ras: IJslanders zijn bijzonder vatbaar. Onderzoek toont aan dat circa 30% van de IJslanders tussen de 6 en 12 jaar röntgenologische tekenen van spat heeft. Bij dit ras speelt erfelijkheid een belangrijke rol, waarbij de erfelijkheidsgraad voor de leeftijd waarop spat ontstaat wetenschappelijk is aangetoond.
- Beenstand: Paarden met koehakken (hakken naar binnen) of sabelbeens (hakken te ver onder het lichaam) belasten het spronggewricht ongelijkmatig. Dit versnelt slijtage van het kraakbeen aan één zijde van het gewricht aanzienlijk.
- Discipline: Paarden die veel buiging in het spronggewricht hebben (dressuur), herhaalde schokken opvangen (springen) of plotselinge stops maken (reining, westernpaarden) hebben een hoger risico.
- Overbelasting: Te zwaar rijden, slechte bodem, training die niet afgestemd is op de leeftijd of conditie van het paard.
- Overgewicht: Extra lichaamsgewicht verhoogt de druk op alle gewrichten. Wil je meer weten over de risico’s van overgewicht bij paarden? Lees dan mijn blog over overgewicht bij het paard.
- Leeftijd: Spat begint vaker bij paarden van 6 jaar en ouder, al kan het ook jonger voorkomen.
In de praktijk zie ik dat spat regelmatig beiderzijds voorkomt. Paarden compenseren dan zo goed dat je geen duidelijke kreupelheid ziet, maar wel een paard dat achter beperkt beweegt of zich moeilijk verzamelt. Het nadeel als een paard aan beide achterbenen kreupel is is dat je het als eigenaar vaak laat opmerkt.
Hoe herken je spat bij paarden?
Spat begint sluipend. De eerste signalen zijn vaag en worden makkelijk over het hoofd gezien of toegeschreven aan andere oorzaken. Let op deze symptomen:
Vroege signalen:
- Lichte stijfheid bij het opstarten, die na opwarming verdwijnt
- Kortere stappen achter, met name op de volte
- Minder buiging in het achterbeen
- Onwil of weerstand bij bepaalde oefeningen (galoptransities, laterale oefeningen)
- Rugspierpijn als gevolg van compensatie
Gevorderde signalen:
- Duidelijke kreupelheid, met name bij het beginnen
- Het paard sleept met de teen over de grond
- Harde zwelling aan de binnenkant van het spronggewricht (botwoekering)
- Zachte zwelling door vochtophoping rond het gewricht
Het verband tussen spat en rugpijn wordt sterk onderschat. Als een paard stijf of kreupel loopt, past het zijn manier van bewegen aan om de pijn te vermijden. De rugspieren raken daardoor overbelast en worden pijnlijk. Dit kan leiden tot de diagnose “rugproblemen”, terwijl de eigenlijke oorzaak in de sprong zit. Wil je meer weten over rugproblemen bij het paard? Lees mijn blog over rugproblemen.
Hoe wordt spat gediagnosticeerd bij je paard?
De diagnose spat wordt altijd gesteld door een dierenarts, op basis van meerdere onderzoeksstappen. Een goede diagnose is cruciaal, want kreupelheid heeft veel mogelijke oorzaken en de behandeling verschilt per oorzaak.
Stap 1: Klinisch kreupelheidsonderzoek Het paard wordt beoordeeld in stap, draf en galop, op een rechte lijn en op een volte, op harde en zachte bodem. Op de volte valt kreupelheid van het binnenste been het meest op.
Stap 2: Buigproef (spatproef) Het spronggewricht wordt anderhalve minuut strak gebogen en het paard draaft daarna direct weg. Een positieve buigproef, waarbij het paard de eerste stappen kreupeler loopt, kan een aanwijzing voor spat zijn.
Stap 3: Uitverdoving Om het aangetaste gewricht precies te lokaliseren, kan de dierenarts het spatgewricht uitverdoven met een lokaal verdovingsmiddel. Loopt het paard daarna beter? Dan is daarmee bewezen dat de kreupelheid uit de buurt van het gewricht komt.
Stap 4: Röntgenfoto Op röntgenfoto’s zijn botveranderingen zichtbaar: vernauwing van de gewrichtsruimte, botwoekeringen of -afbraak. Let op: gewrichtsontsteking is op röntgen niet zichtbaar, alleen de structurele veranderingen. Bij twijfel of vroege spat kan een botscan (scintigrafie) meer informatie geven over actieve ontsteking.
Welke behandelingen zijn er voor spat?
Spat is helaas niet te genezen. De slijtage kan niet ongedaan worden gemaakt. De behandeling is gericht op pijnvermindering, het remmen van de voortgang (al wil je in ernstige gevallen juist dat de botjes aan elkaar gaan groeien) en het zo lang mogelijk gelukkig en in beweging houden van je paard.
Medicamenteuze behandeling:
- NSAIDs (niet-steroïdale ontstekingsremmers): verminderen pijn en ontsteking. Worden vaak tijdelijk ingezet. Langdurig gebruik kan maagschade geven.
- Corticosteroïden intra-articulair: injectie in het gewricht geeft lokale ontstekingsremming voor weken tot maanden.
- Tildren (tiludronzuur): een bisfosfonaat dat botafbraak remt en een pijnstillend effect heeft bij botpijn. Wordt per infuus toegediend en heeft zijn waarde bij spat wetenschappelijk bewezen. Het maximale effect wordt vaak na 2 tot 3 maanden bereikt en 6 maanden tot een jaar kan aanhouden.
Aanvullende therapieën:
- Shockwavetherapie: heeft een pijnstillend effect en kan de behandeling ondersteunen.
- Fysiotherapie: helpt rugklachten door overcompensatie te behandelen en verbetering van de algemene bewegingspatronen.
- Orthopedisch beslag (spatbeslag): door de hoefstand aan te passen kan het spronggewricht ontlast worden. De hoefsmid speelt een belangrijke rol bij het management van spat.
Chirurgische behandeling: Als conservatieve behandelingen onvoldoende effect hebben, kan chirurgische arthrodese worden overwogen. Bij arthrodese worden de twee kleine gewrichtjes opzettelijk aan elkaar gezet, zodat er geen bot-op-bot-beweging meer is en de pijn verdwijnt. In Nederland wordt deze therapie niet veel toegepast.
Wat kun jij zelf doen voor een paard met spat?
Als paardeneigenaar heb je meer invloed dan je denkt, zowel bij de preventie als bij het management van spat.
Dagelijks bewegingsbeleid: Regelmatige, rustige beweging is beter dan extreme rust. Het advies is dagelijks beweging, bij voorkeur aan de hand, bereden of aangespannen werk. Longeerwerk is minder geschikt, omdat het de sprong ongelijkmatig belast. Weidegang alleen is niet altijd voldoende als het paard weinig beweegt. Dit natuurlijk in overleg met je dierenarts en alleen als het mogelijk is.
Training aanpassen: Begin elke training rustig. Gun je paard 15 tot 20 minuten opwarmen voordat je hem vraagt om meer. Vermijd zware training. Pas de intensiteit aan op de leeftijd en conditie van je paard.
Gewicht op peil houden: Elk kilo extra verhoogt de belasting op de gewrichten. Controleer regelmatig de body condition score van je paard.
Hoefverzorging: Goede, regelmatige bekapping en indien nodig beslag zijn essentieel. Een ervaren hoefsmid kan de afwikkeling optimaliseren en zo de belasting op het spronggewricht verminderen.
Welk supplement geef ik aan mijn paard met spat?
Het is fijn om je paard met spat dagelijks in het management te kunnen ondersteunen met supplementen. De meeste producten zijn gebaseerd op alleen glucosamine en chondroïtine ik vul dat graag aan met MSM, Boswellia serrata, vitamine C en hyaluronzuur die werken elk via een ander werkingsmechanisme.
Als je een supplement kiest voor een paard met spat, zoek dan naar een product dat meerdere van deze werkzame stoffen combineert in de juiste doseringen en controleer of de hoeveelheden per dagdosering daadwerkelijk op het etiket staan. Wil je meer lezen over het meest complete gewrichtssupplement KLIK HIER.
Hoe voorkom je spat bij een jong paard?
Preventie begint vroeg. Dit zijn de stappen die je kunt nemen om het risico op spat te verkleinen:
- Controleer de beenstand bij aankoop en bij veulens op koehakken, sabelbeenstand of andere standsafwijkingen die het spronggewricht overbelasten.
- Bouw training geleidelijk op, afgestemd op leeftijd en conditie. Jonge paarden van 3 tot 4 jaar mogen niet te zwaar worden belast.
- Zorg voor goede bodems in de rijbaan en de weide. Hard, ongelijk terrein versnelt gewrichtsslijtage.
- Houd het gewicht gezond. Overgewicht verhoogt het risico op artrose.
- Reguliere dierenartsconsulten: laat bij het minste vermoeden van kreupelheid onderzoek doen. Vroege diagnose geeft meer behandelopties.
- Fokkerij: bij IJslanders en andere vatbare rassen is het aan te raden om niet te fokken met dieren die al spat hebben, omdat de aanleg erfelijk overdraagbaar is.
- Voeding: een rantsoen met voldoende vitaminen, mineralen en eiwitten ondersteunt gezonde botten en gewrichten vanaf jonge leeftijd.
Wat is de prognose bij een paard met spat?
De prognose van spat varieert sterk en hangt af van de ernst van de aandoening op het moment van diagnose, het gebruik van het paard en hoe snel en consequent de behandeling wordt ingezet.
Veel paarden met spat kunnen, mits goed begeleid, nog jaren gelukkig en actief blijven. Een loopbaanwijziging is soms nodig: een paard dat intensief dressuurwerk deed, kan vaak prima als recreatiepaard verder. Regelmatige, lichte beweging is beter dan volledige rust, en houdt het gewricht soepeler.
Als je paard de diagnose spat heeft gekregen, adviseer ik altijd om samen met je dierenarts een realistisch en duurzaam plan op te stellen. Wat is het doel? Wat kan dit paard nog? En hoe hou je hem zo comfortabel mogelijk?
Conclusie
Spat is een van de meest voorkomende oorzaken van kreupelheid bij paarden, en tegelijk een aandoening die goed management nodig heeft. De sleutel is vroege herkenning, een goede diagnose en een consequente combinatie van medische behandeling, training, hoefverzorging en ondersteuning van de gewrichten. Hoe eerder je erbij bent, hoe meer opties je hebt en hoe langer je paard gelukkig en in beweging blijft.
Heb je het gevoel dat jouw paard tekenen vertoont die lijken op spat? Laat het dan checken. En wil je meer weten over artrose in het algemeen bij paarden? Lees dan ook mijn blog over artrose bij paarden.
Veelgestelde vragen
Wat zijn de eerste tekenen van spat bij mijn paard?
De eerste tekenen van spat zijn vaak subtiel: je paard beweegt stijf na rust maar wordt soepeler naarmate het opwarmt. Andere vroege signalen zijn kortere stappen achter, onwil op de volte of moeite met galopovergangen. Laat bij twijfel altijd een dierenarts kijken.
Kan spat bij paarden genezen?
Nee, spat (osteoartrose van het spronggewricht) is niet te genezen. De gewrichtsslijtage is onomkeerbaar. Wel kan het verloop worden vertraagd, de pijn worden beheerst en je paard nog lang gelukkig en in beweging worden gehouden via medicatie, supplementen, fysiotherapie, hoefbeslag en goede begeleiding.
Is spat erfelijk bij paarden?
Ja, er is een erfelijke component bij spat. Sommige rassen, zoals IJslanders, hebben een hogere genetische aanleg. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de erfelijkheidsgraad voor de leeftijd waarop spat ontstaat significant is bij IJslanders. Fokken met paarden die spat hebben wordt dan ook afgeraden.
Welke behandeling is het beste voor spat?
Er is geen universeel beste behandeling; dat hangt af van de ernst en het gebruik van het paard. Corticosteroïden in het gewricht zijn effectief voor pijnvermindering op de kortere termijn. Tildren (tiludronzuur) heeft bewezen effect op het remmen van botafbraak. Orthopedisch beslag, bewegingsmanagement en gewrichtsondersteuning via supplementen zijn waardevolle aanvullingen.
Kunnen paarden met spat nog worden bereden?
Kunnen paarden met spat nog worden bereden? Ja, veel paarden met spat kunnen nog jaren worden bereden, mits de training wordt aangepast aan hun mogelijkheden. Dagelijkse, rustige beweging is beter dan langdurige rust. Een loopbaanwijziging, bijvoorbeeld van wedstrijdsport naar recreatief rijden, kan het paard lang gelukkig en actief houden.
Wil je advies over je paard? 📩 Stuur me een berichtje!
En wist je al dat ik ook mijn eigen supplementen verkoop? Neem een kijkje in mijn webshop!
